Wanderlust

Volg Amber & Yvette met hun Try Before Your 30 challenge en roadtrip door America
Of Britt & Naomi in Curacao en hun bezoek aan Don2Suri in Suriname!
Avonturen genoeg, ook naast de vaste live blogs! Stay Tuned!


Kazachstan naar China – Over de wegen van de Kyrgyz

calender 3 januari 2017 point Joep prijs Gastblog

Almaty – van A naar B

Op Maandag 16 Augustus, 2016, liep ik Zürich Airport binnen rond het middaguur. Gelukkig was ik niet alleen met mijn twee enorme fiets-houdende kartonnen dozen, rugzak en extra baggage. Stephane, mijn Franse huisgenoot, was, zoals altijd, wel bereid om me even te helpen met tillen. Ingecheckt en wel, mijn tweede avontuur in Centraal Azië kon beginnen. Ditmaal zou het wel even wat avontuurlijker worden. ‘Off the grid’, ‘into the wild’, on the Kyrgyz road.

4:40 AM, 17 Augustus, Almaty. Landing op Almaty Airport, Kazachstan. Na 1 uur in de rij te hebben gestaan voor Customs,  mocht ik dan eindelijk het land betreden. Ik wist dat mijn fietsen overgedragen waren naar het vliegtuig naar Almaty vanaf mijn tussenstop in Moskou. Mijn kartonnen dozen hadden het echter wel wat moeilijker gehad dan ik tijdens de tweede vlucht. Één fiets lag volledig open en bloot in de baggage claim, met het stoffelijke overschot van de doos. Gelukkig was hij nog niet geclaimd haha. Ik knalde al mijn bagage op een karretje en maakte mijn weg naar de uitgang. Nadat ik met handen en voeten uitgelegd had dat het om twee fietsen ging, mocht ik door de zij-uitgang zonder te scannen. Máár ik moest dan wel even al mijn bagage van het karretje aftillen, één meter door de poort dragen en vervolgens weer op hetzelfde karretje retourneren. Dit terwijl naast dit poortje gewoon een grotere poort was die ook gewoon open kon, maar ja dat was te moeilijk uit te leggen in Russisch enzo.

Één fiets lag volledig open en bloot in de baggage claim, met het stoffelijke overschot van de doos.

Terwijl ik alles overtilde ging telkens de electrische schuifdeur open waar alle taxi-chaffeurs van Almaty smachtend op mij stonden te wachten. Robb, mijn compagnon, stond er gelukkig ook, met een enorme glimlach bij het aanzien van mijn struggles op de vroege ochtend.

Nadat de random blonde gast met verward haar, vettige bril en al zijn ondefinieerbare baggage de uitgang had gepasseerd, hielp Robb hem alles in te laden in een taxi. We vervolgden onze weg naar het Skyhostel, gevestigd op de 11e verdieping van een random leegstaand kantoorcomplex ergens in Almaty. Vraag me niet waar het was, ik heb geen idee meer. Ik weet wel dat de taxi chaffeur continu op zijn mobiel aan het kijken was en over de weg slingerde, yes, we waren niet langer in het Westen.

07:00 AM, 18 Augustus, Almaty. Na een lange maandag met veel fiets tests, jetlag verteringen en culture shock begonnen we onze tocht naar de taxi-centrale van Almaty om onze chauffeur te boeken naar de grens met Kirgizië. Vanaf nu switch ik naar ‘Kyrgyzstan’ omdat een Kyrgyz mij erop wees dat Kyrgyzstan het land is van de Kyrgyz en Kirgizië dus nooit korrekt kan zijn. Dus.

13:00 PM, 18 Augustus, Kegen, Kazachstan. YES! Onze fietstoch kon beginnen. Robb en ik bevonden ons in de middle of nowhere, en we waren ready to shine and ride. Ik vergat wel mijn dierbare fietspetje in de taxi. De taxi chauffeur is sowieso super blij nu. Ook omdat we veel te veel betaald hebben natuurlijk haha.

Oke nu weet ik de tijden niet meer, goed geprobeerd. Ergens rond het middag uur arriveerden we bij de grensovergang naar Kyrgyzstan. Super leip. Het was een dirt road met eindeloze vlaktes aan allebei de kanten. Camera’s weggestopt? Check. Pokerface on? Check. Daar gaan we! Oh fuck, ik heb mijn immigratie kaartje dat ik bij aankomst in Almaty heb ontvangen met twee stempels van aankomst, weggegooid. Dom!!!!! Bijna was het avontuur al over voordat het begon. Gelukkig was de bordercontrol vrij relaxt en met een waarschuwing in de pocket konden we dan toch Kyrgyzstan betreden.

We hadden onze trailmix, gekocht door Robb in Almaty, supergrote zak vol met noten, m&m’s en gedroogd fruit (cruciaal!), en genoeg eten voor 24 uur. Mijn eerste indruk van Kyrgyzstan was leegte. Voor de extra info, Kyrgyzstan werd in ’91 onafhankelijk van Rusland en is toen echt vrij hard ingestort. Nu is het één van de armste landen in de regio, wat raar is gezien de parels die het landschap biedt. Er gebeurt echter niet zoveel. Zoals een half Duitser, half Kazak ons vertelde: de Kyrgyz zijn goed met schapen, paarden, koeien en geiten, that’s it. Hij wist echter niet alles, ze zijn ook goed met honing!

Kindjes

Honing en Issyk-Kul

Langzaamaan begon het te schemeren. Links van ons vervolgde een klein idylisch stroompje zich naar de grotere rivier en rechts van ons kwam een oude man van rond de 70 de weg op gelopen. Zijn eerste woorden waren: ‘You sleep with me, tonight’. Dus. Ik zag in zijn mooie blauwe ogen natuurlijk meteen dat hij die woorden niet zo bedoelde. Hij wilde ons graag onderdak en voeding bieden voor de nacht. Het voelde goed. Ik overtuigde Robb om onze fietsen naar zijn wagonnetje te verplaatsen. We aten die avond een heerlijk pastatje met aardappels en ondefinieerbaar vlees. Ook kregen we super lekkere thee met zijn eigen gemaakte honing. We hadden gesprekken in gebroken Russisch en Engels. Schijnbaar was er iets heftigs gebeurd 5 jaar geleden, want hij begon zo ongeveer elke zin met ‘Five years go’, haha, we weten nog steeds niet wat er nou precies gebeurd is toen, sorry.

De volgende ochtend namen we afscheid en gaven hem een klein pinnetje van de Zwitserse vlag voor op je borst en een postkaart van Zürich. Zijn laatste blik was alleszeggend; dank jullie voor jullie bezoek, hou je haaks, ik zie jullie nooit meer.

We vervolgden onze weg richting Karakol, het wintersportgebied voor de Russen en Chinezen. Prachtige landschappen met paarden en schapen. Yoerts met families die het vee van s’ochtends vroeg tot s’avonds laat verzorgen. Geweldig. Volledige stilte, heerlijk weer en geweldig uitzicht. Onze eerste beklimmingen gingen prima en na een halve dag bereikten we de vallei van Issyk Kul.

Vanaf het eerste moment dat we de vallei betraden, probeerden we al een glimp op te vangen van het meer. Tevergeefs. We vervolgden onze weg en langzamerhand zagen we steeds meer tekenen van civilisatie. De kinderen waren helemaal gek op Robb en misschien ook wel een beetje op mij. Misschien kwam dat omdat ik eigenlijk toch best wel een raar fiets-shirtje aan had.

Ik moet zeggen, nu ik dit zo allemaal op schrijf, er is zo ongelooflijk veel gebeurd in twee en een halve week. Je kan je niet voorstellen hoe vol een dag op de fiets is. Je staat op in de morgen rond een uur of 7. Je ontbijt met wat fruit en havermoutpap. Je kleed je om en geeft een kusje op je zadel waarna je hoopt dat de benen lekker snel, soepel gaan draaien. Rond een uurtje op 9 á 10 neem je een snicker. Jaja, die hadden ze daar! Continu neem je foto’s en neem je de vreemde wereld om je heen in je op. Het grappige is dat alhoewel je je realiseert dat je je aan de andere kant van de wereld bevindt, je eigenlijk bijna niet door dat dat werkelijk zo is.

Onderweg naar Karakol kwamen we de super cycling man tegen (www.supercyclingman.com). Geinige gast, en onze eerste encounter met andere fietsers! Het was overigens wel een vreselijke weg om op te fietsen, elke 20 seconden kwam er wel een auto langs. Robb en ik zijn allebei tenminste één keer op een haar na niet aangereden.

In Karakol hadden we een overnachting geboekt bij een hostel beheerd door een Nederlander. Was echt even heerlijk om bij te slapen en te douchen! Mijn andere herinneringen aan Karakol zijn echter volledig vervaagd door onze ervaring met het Issyk Kul meer, een dag later. We besloten van de gebaande paden te wijken en de bush in te rijden nadat we het meer in zicht hadden. We wilden er zo snel mogelijk inspringen natuurlijk en al onze kilometers er af wassen. We hadden onze tocht echt bijna opgegeven toen we eindelijk het prachtige strand bereikten. Niet normaal hoe zo een ongelooflijk mooi meer in de zomer met een prachtig oneindig idyllisch strand, zó leeg kan zijn in het hartje van de zomer. De enige vorm van leven op het strand waren een paar magere schapen en een paar sneaky geitjes. Ik vraag me af of de schapen überhaupt nog leven, ze zagen er niet echt lekker meer uit haha.

Je staat op in de morgen rond een uur of 7. Je ontbijt met wat fruit en havermoutpap. Je kleed je om en geeft een kusje op je zadel waarna je hoopt dat de benen lekker snel, soepel gaan draaien.

Na ongeveer een uur te hebben gechillt in de zon, besloten we op zoek te gaan naar een kampeerplek een stukje verderop. Toen kwam ik er achter dat mijn beide banden lek waren. Onze eerste lekke banden van de reis, yeey, happy times! Het bleek dat onze bushride niet zo goed was geweest voor mijn banden. Raar genoeg waren Robbs banden nog helemaal prima in orde. Mijn banden waren volledig doorboord door kleine stekelpluisjes. Ik heb nog een week lang lekke banden gehad totdat alle pluisjes er uit waren, wojow. Robb liet me ook alles zelf doen, lekkere reisgenoot ook. Hij schaamde zich er achteraf wel een beetje over gelukkig, haha.

Imker

Issyk Kul

De sprookjesvallei

Uiteindelijk konden we geen kampeerplek meer vinden door het lekke banden hoofdstuk. We vonden echter wel een prachtige ‘bed and breakfast’ aan het meer onder de ondergaande zon. Daar testten we onze kookset uit. We zouden immers één van de volgende dagen beginnen met onze beklimming naar de 4000 meter passen die het meer van Issyk Kul omringen aan alle kanten. Na ons eten geconsumeerd te hebben samen met een liter crappy bier, werden we uitgenodigd om een visje mee te eten met onze Russisch/Kazachstaanse (?) bed and breakfast genoten. Het visje viel niet zo goed bij Robb en hij was de hele nacht aan het schijten. Yes, eindelijk had het noodlot Robb ook een gevonden, dacht ik… Dit was het begin van mijn noodlot zoals later zou blijken.

De volgende dag vervolgden we onze tocht langs Issyk Kul op zoek naar Fairy Tale canyon, niet te verwarren met Candy mountain. Na ongeveer 30 eurocent aan entree te hebben betaald, kostte het ons ongeveer een half uur aan kneiterzwaar fietsen door het zand om de prachtige geologie van deze valei te mogen aanschouwen. Ik was zelfs in staat een monster te nemen van het gesteente voor verdere analyze in Zürich!

Die avond verbleven we in Kaji-Say aan de kust bij een lieftallige meneer die ons een kamer had aangeboden nadat hij mij had zien worstelen met alweer een lekke band. Hij zou ons de volgende dag helpen met een pinautomaat zoeken zodat we konden betalen. Het bleek echter zondag te zijn toen wij lekker uitgerust wakker werden nadat ik de nacht ervoor nog even een duikje had genomen in Issyk Kul met ondergaande zon. Gelukkig had Robb nog ergens 20 dollar in zijn zak die onze lieftallige host wel wilde ruilen. Zo konden we toch nog door! Zonder de 20 dollar hadden we wellicht wel even stil gestaan wat ons tijdproblemen had kunnen opleveren.

Eenmaal in Bokonbaev aangekomen om voeding in te slaan voor onze beklimming van de eerste 4000 meter pas, werd ons verteld dat de pas die wij van plan waren te nemen niet begaanbaar was voor fietsen. ‘Zelfs paarden kunnen er niet overheen.’ Nou als dat wordt gezegd dan weet je het wel in Kirgizstan. Dus… Er werd ons aangeraden om 40 km terug te fietsen om vervolgens een meer begaanbare pas te nemen, de Tosor pas. En dat deden we.

Fairy Tale Canyon

Shit hits the van – de Tosor pas

De tocht omhoog was zwaar, ik leerde twee belangrijk lessen omhoog met betrekking tot fiets touren. Les 1: zorg dat je al het eten bij je hebt wat je in elk mogelijk scenario zou willen eten. Les 2: doe rustig aan en stel geen doelen met betrekking tot de afstand die je wil afleggen per dag. Het weer, het materiaal en de weg kunnen je vrienden zijn, maar ook zeker je vijand.

Om de hoogteziekte tegen te gaan overnachtten we een avond bij een boeren familie in hun kleine, ja hoe zal ik het noemen, stekkie. De zoon was helemaal gek van onze fietsen en we reden samen de berg op. Geweldig. Hij was volgens mij niet zo gek van onze muziek, hij hield meer van pompende Amerikaanse pop. Jammer dat we toch zo een one-directional invloed achterlaten in de uitstreksels van onze aardkloot.

We vervolgden onze tocht naar de top van de Tosor Asu, gelegen op zo’n 4000 meter hoogte. Ik stierf. Robb niet want die deed het rustiger aan. Ik moest mezelf natuurlijk bewijzen, had immers mijn doel al gesteld. Ik kon dus niet echt meer genieten van de top. Robb gelukkig wel, dus hij was nog in staat om het vast te leggen. Had ik van te voren stilgestaan bij de extreme inspanning die de afdaling zou eisen, dan had ik het zeker ander aangepast. De sneeuwige, uiterst koude en grijze afdaling in een prachtig grauw landschap was hangen aan een draadje. Ik kon niet meer. Toen de sneeuw, regen en wind eindelijk ophielden, zetten we onze tent op bij een prachtige rivier vormend uit een gletsjer. Het noodlot sloeg toe op het moment dat ik net de pasta aan het koken had gebracht. Regen en wind kwamen keihard terug. Het eten was echter uiterst belangrijk om af te maken, we hadden namelijk niet veel. Terwijl Robb vocht om de tent in orde te krijgen, leed ik aan onderkoeling voor een warme pasta, hmm lekker Joep. We vraten de pasta weg in de tent en besloten dat dit niet langer kon. We zouden ons kamp ontvluchten voor een yoert een paar honderd meter verderop. Ik kon het niet meer aan de kou, dus ik vluchtte als eerst met al mijn kleren aan en bandana om mijn hoofd naar beneden op de fiets. Damn dat ging hard zonder bagage! Ik was alleen even de altijd aanwezige honden vergeten, oeps. Bijna weer een rabies bijtje opgelopen, geen goede zaak. De honden kalmeerden en ik liep rustig de yoert binnen. Het enige Russische woord wat ik op dat moment kende was Vada: water. Ik probeerde het oude vrouwtje in de tent duidelijk te maken dat ik naar de klote was door te richten naar de hemel en veelvoudig Vada uit te spreken. Ik weet niet of ze het door had haha. Doet er verder ook niet toe. We kregen onderdak en konden herstellen. Wederom was de familie uiterst gastvrij en terwijl Robb inspirerend alles opving was ik lekker lollig aan het doen voor de kleine kindjes.

Die nacht sliepen we in de extra tent van de familie samen met de opa, een uiterst sterke Kyrgyz van rond de 60 die nog altijd al het werk op het land deed. Volgens mij was zijn zoon niet meer. Ik had even wat beter na moeten denken over mijn positionering in die tent: tussen de Kyrgyz en Robb. De voedselvergiftiging sloeg immers aan. En aangezien ik het zo koud had kon ik ook niet naar buiten om even flink te nummer 2en. Daar zou ik immers bevriezen a la the Day after Tomorrow. Dus, ik hield het in en de volgende dag was ik echt op.

We vervolgden onze tocht. Robb in een korte broek en shirt. Ik met al mijn kleren aan. Het kon niet meer zo. Wonder boven wonder lukte het ons een auto te vinden in de middle of nowhere. Deze auto was ook nog eens bemand en na uit gelegd te hebben dat ik zou sterven als ik niet werd afgevoerd naar civilisatie (If no Naryn, I die), had ik mijn vervoer.

Stekkie

Tosor Asu

Op paardenmelk naar Naryn

Wonder boven wonder lukte het ons een auto te vinden in de middle of nowhere.

Robb ging verder naar Naryn in zijn uppie. Ik begon mijn tocht met de twee Kyrgyzische broers. Een broer had niet helemaal door dat ik aan het sterven was en begon een 5 uur durende ondervraging over van alles en nog wat. Natuurlijk ging ik vrolijk in het gesprek op. Ook toen ik een halve liter gefermenteerde paardenmelk moest opdrinken, waarom niet? Veel erger kan het niet worden. Funky feeling die paardenmelk. Een aantal nummers twee later kwamen we eindelijk aan op een kruispunt met vervoer richting Naryn. De broers regelden een vervolg lift voor me en ik bedankte hen met heel mijn hart door samen een shot (nee geen shotje, een shot) wodka achter over te slaan. Daar moest natuurlijk ook een lekker stukje zoete noga bij. Godverdomme het was geen noga, het was de vreselijkste geitenkaas ooit. Wat een dag!

S’avonds laat kwam ik eindelijk aan in Naryn. Het kostte me twee volle dagen en 10 bananen om te herstellen. Robb arriveerde op het perfecte moment en na een extra rustdag vervolgden we onze weg naar China.

Na een dag kwamen we aan in At Bashi, oftewel het hoofd van een paard, ook wel gekend als the end of the world. Na At Bashi rond de 200 kilometer leegte tot de Chineze grens. Na een paar kleine lieve rotjochies wat leuzen aangeleerd te hebben die ze zeker niet echt nodig hebben, vervolgden we onze weg bepakt en gezakt (ik kan geen Nederlands meer), richting Tash Rabat.

Yoert

Russische Sauna in Tash Rabat

Ja hoor, Tash Rabat, we hadden het overleefd. Bizarre plek. Op 3000+ meter hoogte, in de middle of nowhere, tref je opeens een cavaranserai waar in het jaar 1000 al mensen uitrustten van hun tocht over de zijde route. Goed, nu slapen.

We hadden aan het begin van de zijweg naar Tash Rabat al een yoert kamp gespot dat er vrij goed uit zag. Ik zeg doen! We hoorden echter van een aantal wandelaars dat dit specifieke yoert kamp super duur was. 20 dollar per nacht, ja dat is duur voor Kyrgyzstan haha. We hadden dat geld dus niet. Gelukkig had de vriendelijke baas-Rus Yuri een deal voor fietstourders. 5 dollar per nacht! Yuri mocht ons wel. We kregen ons eerste viergangen diner in de keuken in twee weken met GROENTE. Zijn collega Dimitri bleek Geoloog en we wisselden onze samples uit, super mooi. Yuri vertelde ons toen dat we gewoon lekker de Sauna ingingen zodra alle VIP gasten waren geweest. Hij had daarvoor nog gezegd dat we ervoor moesten betalen haha. En inderdaad, rond een uur of 10 werden we uit onze yoert geroepen en de sauna ingeduwd. Alhoewel we specifiek gevraagd hadden om de soft sauna met Yuri, kregen we toch de hard sauna met Dimitri. We dachten dat het alleen om hitte ging. Verkeerd gedacht! Na ongeveer 10 minuten zweten zei Dimitri tegen mij: ‘Okay, lay down!’. Vervolgens pakte hij een bos laurier en eikenbladeren en begon de smackings over mijn hele poedelnaakte lichaam. Jaja, en Robb was de volgende. Na de blaadjes sessie was het tijd voor ‘To the river! One minute each side!’. Ijskoude bergrivier is nice. Deze drie-eenheid werd nog een keer gehaald toen Yuri aankwam. Hij zag mij rillen en zei: ‘Don’t kill them!’. Haha, mooi. Vervolgens werden we onder hande genomen door Yuri en werde sauna rustig afgemaakt. De sauna had veel losgemaakt, misschien wel meer fysiek dan mentaal. Nummer twee tijd! De nummer twee pillen van Yuri waren echt een schot in de roos. De volgende dag konden we onze weg vervolgen naar de grens!

Supergrappig, we kwamen een reeks van 20 campers uit Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk tegen in de middle of nowhere met allemaal gepensioneerden. Een stel was even aan het uitrusten en boodt ons Nespresso en noodles aan, geweldig! Hun zoon had schijnbaar een reis gemaakt om de wereld van een jaar op de fiets, wat is de wereld toch klein.

De laatste challenge van onze tocht was de grens met China. We moesten op Dag 1 grenspost 1 over, zodat we op Dag 2 en 3 door de grenszone konden fietsen om vervolgens op Dag 4 grenspost 2 aan te doen. Het lukte ook nog eens! Wat was het leeg daar, en toch nog steeds hier een daar een yoert met schapen.

Laatste avond in Kyrgyzstan

Torugart – We made it!

Op 1 September 2016, bereikten we de Togurart Pas op 3700 meter hoogte. We moesten echter nog een uur voor wachten voor een gesloten hek met daarachter vervelend lachende Chineze grenswachters op onze geboekte gids en chauffeur. De Torugart Pas is eigenlijk alleen bedoeld voor Logistiek transport. Daarnaast ligt de grens aan de Autonome provincie Sinkiang. Deze provincie is onrustig omdat de Chinezen de islamitische Oeigoeren niet vertrouwen. Slaat nergens op, geweldig volk. Maar goed, dat is de reden dat elke toerist 150 dollar moet neertellen voor gids en chauffeur. En ja hoor, na 4 grensposten over een afstand van zo’n 150 kilometer met twee grondige checks van onder andere alle foto’s die we hadden gemaakt, arriveerden we eindelijk in Kashgar. Wat een verhaal, korter kon ik het echt niet krijgen. Het bier na afloop smaakte goed.

Joep   Geschreven door:
Delen?Share on Facebook0Tweet about this on Twitter0Pin on Pinterest0Share on Google+0Email this to someone

    Reacties

  1. Gertrud

    Wat een prachtige blog.

    reageer op dit bericht